Op grond van het bestemmingsplan hebben de percelen een bepaalde bestemming: bijv. voor woningbouw of detailhandel. De bestemmingsplannen kunt u inzien bij afdeling bouwzaken van uw gemeente. Een bestemmingsplan komt tot stand via een wettelijk geregelde procedure.
Nieuwe wet op de Ruimtelijke Ordening
Per 1 juli 2008 is de nieuwe Wet op de Ruimtelijke Ordening in werking getreden. Dit betekent dat er veel is veranderd voor alles wat met ruimtelijke ordening te maken heeft zoals vrijstellingen en bestemmingsplannen. Lees hier meer over de nieuwe wet.
Hoe komt een bestemmingsplan tot stand en hoe kunt u hier invloed op uitoefenen?
Hoe gaat het opstellen van een bestemmingsplan in de praktijk? Allereerst geeft het gemeentebestuur opdracht om een bestemmingsplan te maken of een bestaand plan te herzien. Dat kan zijn omdat een bepaald stuk grond nog in ontwikkeling moet worden gebracht en nog geen bestemming heeft. Maar het kan ook zijn omdat burgemeester en wethouders in een bepaald gebied ongewenste ontwikkelingen willen tegengaan, of juist gewenste ontwikkelingen willen stimuleren. Soms gebeurt het ook wel dat een bestemming herzien wordt, omdat een burger of een bedrijf daarom vraagt. Daarnaast is er de verplichting in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen om bestemmingsplannen éénmaal in de 10 jaar te herzien.
Voorbereidingsfase
Stedenbouwkundigen en juristen zullen het gebied waarvoor een (nieuw) bestemmingsplan moet komen, eerst grondig bestuderen. Vaak overleggen ze ook al met wijkplatforms of bewoners van het bewuste gebied. Deze fase is met name bedoeld om elkaars wensen en ideeën te inventariseren. Is dit eenmaal gebeurd, dan wordt begonnen met het opstellen van een voorontwerp-bestemmingsplan. Bij het opstellen van zo’n voorontwerp wordt ook verder uitgezocht of de gewenste ontwikkelingen haalbaar en betaalbaar zijn. Is het bijvoorbeeld wel financieel verantwoord om in een bepaald gebied woningen te bouwen? Zijn er ook milieu- en verkeersaspecten waarmee rekening gehouden dient te worden?
Voorontwerp
Als het voorbereidingstraject afgerond is, neemt het college van burgemeester en wethouders een beslissing of zij het plan vrijgeven voor inspraak.
Op grond van de gemeentelijke inspraakverordening en de Wro kan besloten worden een bestemmingsplan gedurende een bepaalde periode voor iedereen ter inzage te leggen in het gemeentehuis. Het moment van terinzagelegging wordt bekend gemaakt op de informatiepagina in een plaatselijke krant, maar ook organisaties en instellingen wordt gevraagd wat ze van het voorontwerp-bestemmingsplan vinden. Ook is het mogelijk dat tijdens deze periode een inspraakavond georganiseerd wordt. Alle ideeën, op- en aanmerkingen die dan naar voren worden gebracht, zullen waar mogelijk in het voorontwerp-bestemmingsplan worden verwerkt.
Tegelijkertijd met de inspraakperiode wordt het voorontwerpbestemmingsplan voor advies aan provinciale diensten en andere overheidsinstellingen gestuurd (vooroverleg op grond van nieuwe Bro).
Wanneer de reacties uit de inspraakperiode en het overleg verwerkt zijn in het voorontwerp dan heet zo’n plan voortaan ontwerp-bestemmingsplan.
Vaststelling
Het ontwerp-bestemmingsplan wordt daarna op grond van de Wro zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode kunnen inwoners, organisaties en instellingen kennisnemen van wat er precies gaat gebeuren met een bepaald gebied. Tevens kan men kennisnemen van de wijze waarop de meningen van de inspraak zijn verwerkt. Het moment van de terinzagelegging wordt bekend gemaakt in een lokale krant en de Staatscourant.
Iedereen die het niet eens is met de gemeentelijke plannen of anderszins opmerkingen ten aanzien van het plan heeft kan binnen deze periode een schriftelijke zienswijze indienen bij de gemeenteraad. Als dat niet in deze periode gedaan wordt, dan kan later daar niet meer op worden teruggekomen.
Binnen 12 weken na de terinzageligging dient de gemeenteraad een beslissing te nemen over vaststelling van het ontwerp-bestemmingsplan. Voorafgaand aan de vaststelling worden de indieners van een zienswijze in de gelegenheid gesteld hun zienswijze toe te lichten en wordt de gemeenteraad op de hoogte gesteld van het plan en de eventuele aanpassingen door de zienswijzen.
De gemeenteraad neemt daarna een beslissing over de (eventueel gewijzigde) vaststelling van het ontwerp-bestemmingsplan, waarbij zij gemotiveerd ingaat op de zienswijzen.
Beroepsmogelijkheden
Belanghebbenden kunnen binnen 6 weken na de bekendmaking van de vaststelling bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in beroep gaan tegen het vaststellingsbesluit. Dit wordt aangekondigd in een lokale krant en de Staatscourant. Hierbij geldt dat er geen beroep ingediend kan worden als er geen zienswijze door de belanghebbende is ingediend, tenzij het beroep zich richt tegen een wijziging bij de vaststelling van het bestemmingsplan.
Het bestemmingsplan treedt in werking op de dag na die waarop de beroepstermijn afloopt.
Zie ook
Bestemmingsplannen inzien
U kunt bij uw gemeente de bestaande bestemmingsplannen inzien. Ook kunt u steeds vaker bestemmingsplannen inzien via het internet.